woensdag 24 juli 2013

Ulysses - James Joyce

Hoofdstuk 1. Het is nog vroeg in de ochtend. Drie studenten worden wakker, ontbijten, praten met elkaar, gaan zwemmen in de baai van Dublin. Ik begrijp niet alles, veel gaat over het geloof, wel geloven, niet geloven in de heilige drieeenheid. Het gesprek is zoals een gesprek is tussen drie mensen die elkaar goed kennen. Je voelt de sfeer van intimiteit tussen hen. Ik zie ze het gesprek voeren, de wandeling maken voor mijn ogen, het slepen van de wandelstok, die een streep maakt over het pad waar ze die avond weer over zullen terugkeren. Stephen is gereserveerd, Buck, Malachi, wil heel erg aanwezig zijn. Je voelt de tegenstelling tussen die twee in de hele scene. Het zijn studenten, ze praten als studenten, met een dialoog die een superieur gevoel over de anderen moet geven. In de gesprekken met de derde student, die Engels is, voel je het verzet van de Ieren tegen de onderwerping door de Engelsen. 'ik ben de dienaar van twee meesters, het Britse imperium en de Roomse Katholieke en apolostische kerk' Terwijl Stephen dit zegt kleurt hij rood. De melkvrouw, iets eerder in de scene, is een nederig besje, in dienst van haar veroveraar...
De zwemscenes herinneren mij aan In zee, twee jongens van Jamie O'Neil, dat ik ooit, struinend over de straten in Dublin, las. Eigenlijk had dat andersom moeten zijn, de zwemscenes uit In zee, twee jongens zijn natuurlijk geïnspireerd op de zwemscenes in Ulysses. Ik ben op veel plekken ook geweest. In Bray, mijn eerste lekke fietsband onderweg naar Wicklow. In de baai van Dublin, met een familie van een Christelijke missie waar ik, dakloos omdat U2 een concert gaf en alle slaapplaatsen bezet waren, hartelijk werd ontvangen en rondgeleid, en samen met hun driejarige zoontje, dwars door Dublin liep.

Ik heb bij hoofdstuk 8 besloten er mee te stoppen. Het enige dat ik er uit krijg als ik verder lees is dat ik kan zeggen dat ik Ulysses uitgelezen heb. Dat is niet de reden waarom ik een boek lees, ik moet er wel wat voor terug krijgen. De (overdreven) rijke taal zit voor mij het rustgevende zengevoel van de wandeling door Dublin in de weg. Mijn kennis van oude literaire werken is niet voldoende (ik heb er bijna geen gelezen) om de gesprekken tussen de personages voldoende te kunnen grijpen. Ik lees veel stukken waarvan ik echt denk 'Ach, laat maar.' Ik weet te weinig van de Ierse geschiedenis om te weten waar Joyce over schrijft. Ik heb te weinig opera gehoord om de verwijzingen ernaar anders te begrijpen dat 'Oh, het is een verwijzing naar Don Giovanni'.
Toch, terwijl ik dit schrijf, denk ik, zal ik nog een hoofdstuk lezen...

zondag 14 juli 2013

Elementaire deeltjes- Michel Houellebecq

De mensen gaan minder naar de kerk, er zijn steeds meer discotheken en antidepressiva.

"I still have to read Elementary particles, the novel he became famous for. I might like it better as the blurb sounds more exciting," schreef ik nadat ik de Engelse versie van Platform had gelezen. Bovendien staat het op de 1001 lijst. Helaas bleek dit niet zo. Voor mij blijft dit janwolkersliteratuur. Ook goede janwolkersliteratuur verdient een plek op de 1001-lijst. Het is alleen niet voor mij.
Wat het boek wat interessanter maakt dan Platform is de wetenschap die gebruikt wordt. Michel is moleculair bioloog en Houellebecq probeert volgens mij de ziel en liefde die een mens voelt wetenschappelijk te begrijpen via de quantumtheorie. Dat werkt niet zo in real life volgens mij, maar er staan wel passages in die mij de quantumtheorie beter doen inzien. Zo staat er ergens dat waar Rutherford probeert om het model van een atoom zich te visualiseren, de quantumtheorie ervoor zorgt dat dat niet meer kan. Je kunt een atoom alleen wiskundig berekenen, niet meer voor je zien. Dat vind ik wel mooi gezegd.
Sommige stukken lijken daadwerkelijk geschreven om een rel te veroorzaken. Maar daar maak je toch een roman niet om, hoop ik. Door de afstandelijkheid tegenover de wereld, die ook in Platform mij al dwarszat, raak je niet verbonden met Bruno of Michel. De personages kennen geen warmte en sex, zoals de Trouw recensie dat mooi verwoord.
Soms is het even leuk. Als de eerste zin 1 juli 1998 viel op een woensdag, aan het eind van het boek herhaald wordt: 31 december 199 viel op een vrijdag. Soms moest ik even lachen. Dat was het wel. Uitermate geschikt om te crossen, ben je er ook weer vanaf.

vrijdag 5 juli 2013

Vrouw in de schaduw - Dorinde van Oort

Ik weet niet precies wat ik moet met dit boek. Het is geen non-fictie, zoveel is duidelijk. Maar door de vorm is het ook geen fictie. Als mysterie overtuigt het mij niet; aan het eind geloof ik het verhaal niet. De bewijzen voor de gestelde feiten zijn er volgens mij gewoon niet.
'Het verhaal van Annetjes leven beslaat bijna de hele vorige eeuw', meldt de blurb. Dat is zo, maar door de vertelvorm, de kleindochter van Annetje vertelt haar zoektocht in de archieven naar de familiegeschiedenis van Annetje, komt dat er niet uit. Nu kunnen zoektochten in archieven prachtige romans opleveren; bijvoorbeeld het onvolprezen Obssession. Ik vind dat hier niet goed werken. Emma loopt niet in de stoffige archieven, beleeft niets, komt niet tot leven. Ze vertelt het verhaal dat zij denkt dat waar is over haar grootmoeder. Zoals gezegd vond ik het leven van Annetje ook al niet echt tot leven komen.
Wat het uiteindelijk voor mij is, is een verhaal zoals er in familie genealogie zo veel zijn, en na een aantal biertjes op verjaardagen verteld wordt. Een aantal papiertjes en een groots geveinsd verhaal dat niet waar blijkt, of zeker niet bewijsbaar waar.

zaterdag 22 juni 2013

Over schoonheid - Zadie Smith

Dit is een soort satire over zwarte middleclass in Boston. De karakters en situaties zijn soms op het karikaturale af. Dat zou kunnen werken denk ik, als ik één van de hoofdpersonen aardig had gevonden. Helaas vond ik ze allemaal iritant, omhooggevallen plebs. Zora met haar vier keer verschenen in de speakers corners van het universiteitsblad ('een record voor een tweedejaars'), Howard die alles gewoon niet mooi vindt, omdat het nu eenmaal een intelectueel hoger gedachtegoed is iets niet mooi te vinden, Levy, die zich voordoet als hiphopper, Victoria, met haar borsten vooruit en kont naar achteren. Ze hebben allemaal een soort schijnbare objectiviteit, vinden zichzelf en hun mening wel een enorme waarheid en enorm geweldig. Misschien dat ik Jerome wel aardig had gevonden, maar die komt in het verhaal niet echt naar voren. Uiteindelijk wordt het een chaos, waarbij alleen de deuren missen om het een klucht te laten worden.
Ik heb het wel uitgelezen uiteindelijk, want Zadie Smith schrijft mooie, vloeiende zinnen, die ik graag lees. Ondanks dat het in het heden afspeelt voelde ik in het begin gelijk de echo van Forster (op wiens boek Howards End dit boek geinspireerd is), in die zinnen. Ik waardeer Forster zeer om zijn zinnen. Van A room with a view heb ik ooit gezegd dat er geen enkele zin in staat die niet mooi is. Later werd de echo van Forster minder, misschien ook omdat ik me meer aan al die lui begon te ergeren. Nu vond ik Howards End zeker niet Forsters beste boek, en had ik daar ook moeite met de klasseverering door de peronages.
Op zich is een verhaal over black middle class interessant. Meestal gaan boeken over de zwarte struggle, de klassenstrijd, de onderkant, terwijl er inmiddels natuurlijk een grote groep middenklasse is, waaruit bijvoorbeeld Obama is gekomen. De manier waarop middle class black over de onderklasse praat in Over schoonheid laat zien dat de culturele scheidslijn veel meer bij geld ligt, dan bij kleur. Maar de manier waarop deze families willen laten zien dat zij omhoog zijn geklommen in de maatschappij, hun minachting voor ieder ander die een andere mening heeft, niet zo intelectueel is, minder makkelijk praat, minder hoog in de maatschappij staat, staat mij tegen.

zaterdag 15 juni 2013

Train dreams - Denis Johnson

Een heel klein boekje, net geen 120 bladzijden dik, maar met een enorm groot verhaal. Het verhaal van Robert Grainier, dagloner in de jaren 20 en 30 in de Verenigde Staten. In prachtige taal en zinnen komt het landschap tot leven. Prachtige scenes, zoals het dansen over de brug van de Chinees die wil ontsnappen aan een razzia, of het lopen van Granier in het gebied na een vuurstorm, door as zo diep als sneeuw, zodat hij en zijn paarden de weg niet meer kunnen zien, of de koorstdroom waarin hij zijn vrouw terugziet, of het zoeken van de indianen naar de restanten van de indiaan Kootenai Bob lang kilometers spoor, die na een dronkenmansnacht overreden wordt door een trein.
Ik heb dit boek ervaren als een serie korte bijna losstaande verhalen uit iemands leven. Door de mooie rijke taal heb ik de verbindingen gemist in het verhaal, zoals hoe de treinhoorns en het wolvengehuil een geluid vormen, de basis voor de droom van Kate. Of Kate nu een wolf is of niet. Ik moet het nog een keer lezen binnenkort. Voorwaar een prestatie van een boek van net over de honderd pagina's.

zondag 9 juni 2013

Paaz - Myrthe v/d Meer

Twee werelden gescheiden door glas.

Er is in twintig jaar niet veel veranderd op de psychiatrische afdeling, behalve dan mijn reactie er op. Ik kan inmiddels wel lachen om mijn eigen reactie op een hoofdstuk dat 'dagopening' heet. Dat heet waarschijnlijk op een leeftijd komen waarvan je toen niet had gedacht ooit zo oud te worden.
Wat wel veranderd is is de manier waarop aangekeken wordt tegen medicatie, pillen. Wij hadden ook pillen. Maar het was toch echt de bedoeling dat je daarvan af kwam in de periode dat je er zat en dat je er zo weinig mogelijk kreeg. Van de romans die ik gelezen heb over psychiatrische afdelingen was dit degene waar het leven op zo'n afdeling het beste tot leven kwam. Dit is wel hoe het ging. Emma vond ik erg aardig.
Het boek is uit, de muziek sterft weg. Geen volgende kroketten, maar Tea for the tillerman!

zaterdag 1 juni 2013

Barefoot gen - Keiji Nakazawa

Voor ons eindigt het verhaal van de Tweede Wereldoorlog altijd met de bom. De bom viel op Hirosjima. Niet, wij lieten een bom vallen op Hirosjima. In deze reeks begint het verhaal daar pas. Een verhaal dat hartverscheurend is, vies en gemeen. In de eerste delen hoe de bom de levens van de inwoners van Hirosjima vernietigde, het vlees dat smolt, de kleren die aan mensen waren vastgebrand.
In dit derde deel veel meer over de toestand in de latere maanden. De zoektocht van mensen naar huisvesting en eten, het verbrandden van de tienduizenden lichamen, de mensen die pas maanden later stierven, met wonden onder de maden. En ook hoe gemeen de overlevers omgingen met de slachtoffers, hoe die werden weggekeken, vernederd. Hoe kinderen aan eten moesten komen, hoe gezinnen elkaar voor eeuwig verloren en sommigen elkaar terug vonden.