vrijdag 31 juli 2020
Slade house- David Mitchell
Het is altijd fijn om David Mitchell te lezen. Dit is een tussendoortje van hem. Het heeft een strakke vorm, 5 verhalen ieder 9 jaar verder in de tijd, die samen 1 verhaal vormen. Er zijn linkjes met vooral The bone clocks.
maandag 27 juli 2020
Not on the label - Felicity Lawrence
[..] you have to slow down enough to realize.
Ik heb dit boek hergelezen. Ik had dit boek ooit via een bookcrossing ring gelezen en doorgegeven en was onder de indruk, dus heb ik een eigen exemplaar gekocht. Die heb ik nu gelezen, dus eigenlijk is deze kopie van het boek voor het eerste gelezen.
It is not food chain so much as fear chain. The supermarket directors live in fear of losing market share and not being able to deliver endless growth to their shareholders, the supermarktbuyer lives in fear of not meeting his or her targets and always want to buy cheap and sell expensive, the packer lives in mortal fear of being delisted by the supermarkets, the grower lives in mortal fear of having his goods rejected or the price falling below the cost of production.
Ik heb dit boek hergelezen. Ik had dit boek ooit via een bookcrossing ring gelezen en doorgegeven en was onder de indruk, dus heb ik een eigen exemplaar gekocht. Die heb ik nu gelezen, dus eigenlijk is deze kopie van het boek voor het eerste gelezen.
It is not food chain so much as fear chain. The supermarket directors live in fear of losing market share and not being able to deliver endless growth to their shareholders, the supermarktbuyer lives in fear of not meeting his or her targets and always want to buy cheap and sell expensive, the packer lives in mortal fear of being delisted by the supermarkets, the grower lives in mortal fear of having his goods rejected or the price falling below the cost of production.
woensdag 22 juli 2020
Slachthuis 5 - Kurt Vonnegut
Na Het zwarte boek nog een postmoderne roman waarinde schrijver zelf aan het woord komt. Billy Pelgrim, de hoofdpersoon, staat los van de tijd. Hij gaat slapen als stokoude weduwnaar en wordt wakker op de dag van zijn bruiloft. Hij stapt een deur binnen in 1955 en komt in 1941 weer naar buiten. Hij heeft zijn eigen geboorte en dood vele malen gezien, zegt hij, en bezoekt regelmatig alle gebeurtenissen daartussenin. Tijd is los en vast, alle gebeurtenissen zijn vastgevroren. Alleen zo, volkomen losgeraakt van de realiteit, slaagt Billy erin om de verschrikkingen van Dresden te verwerken. Erg indrukwekkend. De waanzin van oorlog en massaslachting komt door de stijl extra binnen.
woensdag 15 juli 2020
Het zwarte boek - Orhan Pamuk
Pamuk is volgens mij ooit een museum begonnen en dat begrijp ik wel als ik dit boek lees. Hij houd erg van verzamelingen. Er staan er allerlei in dit boek. Wat de hoofdpersoon allemaal zal vinden als de Bospurus opdroogt, wat er allemaal verkocht wordt in de kruidenierswinkel van Alladin, waar hij allemaal aan denkt als hij in slaap wil komen.
Ik vind het boek behoorlijk Murakamiesk, hoewel Pamuk waarschijnlijk zal vinden dat Murakami behoorlijk Pamukiaans is. Plotseling verdwijnt de vrouw van de hoofdpersoon, en is zijn neef ook verdwenen. Hij vertelt zijn familie verder niets over zijn verdwenen vrouw en doet net alsof ze er nog is, terwijl hij door een soort droomachtig Istanbul op zoek gaat naar aanwijzingen waar zijn vrouw en neef zijn, aanwijzingen die hij in van alles vindt. De helden van Ruya's dectectiveromans leefden daarentegen in een rustige en overzichtelijke wereld waarin ze alleen te maken krijgen met aanwijzingen die de schrijver voor ze bedacht had, verzucht hij ergens.
Ik vind het boek behoorlijk Murakamiesk, hoewel Pamuk waarschijnlijk zal vinden dat Murakami behoorlijk Pamukiaans is. Plotseling verdwijnt de vrouw van de hoofdpersoon, en is zijn neef ook verdwenen. Hij vertelt zijn familie verder niets over zijn verdwenen vrouw en doet net alsof ze er nog is, terwijl hij door een soort droomachtig Istanbul op zoek gaat naar aanwijzingen waar zijn vrouw en neef zijn, aanwijzingen die hij in van alles vindt. De helden van Ruya's dectectiveromans leefden daarentegen in een rustige en overzichtelijke wereld waarin ze alleen te maken krijgen met aanwijzingen die de schrijver voor ze bedacht had, verzucht hij ergens.
vrijdag 26 juni 2020
Japan in honderd kleine stukjes - Paulien Cornelisse
Je hoort vaak over de giftige kogelvis, die Japanners zo graag eten, maar rijstballen zijn veel gevaarlijker.
Dit boekje heb ik geleend van een vriendin. Ik begon er aan met het idee dat het een tussendoorboek zou worden, maar ik vond het verrassend leuk! Het is leuk geschreven, veel gaat over de Japanse taal, maar ook voor mensen die ooit in Japan zijn geweest staat er veel herkenbaars in. Op de foto zie je het boek met notes bij 'mijn' stukjes.
8. Salaryman
Ik ben in het zakendistrict van Tokio geweest. Je kon daar naar de zoveelste verdieping van het stadhuis om Tokio van boven te zien. Ik was er in de avond toen veel kantoren leeg stroomden en daar heb ik inderdaad veel salaryman gezien. Hij komt 's avonds laat thuis, terwijl zijn vrouw de kinderen doet.
13. Banana
Kitchen van banana Yoshimoto is een van mijn favoriete romans. Door dit boek wil ik het nu weer herlezen!
17. Bento
Ik maak graag bento's, meeneemlunches, als ik naar mijn werk ga. In Japan maakte ik ze ook iedere dag, maar omdat de keuken in mijn vakantiehuis uit een eenpits gasstel bestond, Kocht ik daar de ingrediƫnten voor de Bento in een supermarktje (zie later). Ik was zo blij dat ik Japanse omeletten en rijstballen gewoon in folie kon kopen! Een keer heb ik op de markt mijn bentobakje aan een verkoopster achter een stalletje gegeven en gevraagd of zij het lekker voor mij wilde vullen. Ze keek me wel wat vreemd aan, maar begon er vrolijk aan en had volgens mij een erg leuk moment.
19. Stoere mannen
In veel japanse openbare gelegenheden, waaronder restaurants, mag je roken, maar je mag bijna nergens roken op straat. Dit was zo'n vreemde ervaring toen ik in Japan was, roken in restaurants!
41 Graseters
Dit hoofdstukje gaat feitelijk over het fenomeen dat Japanse mannen niet actief uit zijn op een relatie en erg afwachtend, wat de hoeveelheid relaties niet bepaald ten goede komt. Maar ik heb het genote vanwege de zin: In een Japanse stad hoef je zelden verder dan honderd meter te lopen of je komt een convenience store tegen. Dit klopt! Het zijn vaak kleine buurtwinkeltjes gerund door een familie.
52 Nederlandse woorden in het Japans
Elk japans schoolkind zeult een gigantische schooltas mee; een randoseru.[...] De meeste Japanse kinderen lopen met elkaar, zonder ouders, in kleine kwetterende groepjes naar school. Dit is zo, en ik heb meermalen groepen kinderen, ik denk 5, 6 jaar oud, naar huis zien lopen zonder begeleiding. Ik vroeg me af of Japanse ouders dat niet eng vonden, want de kinderen moeten soms kilometers lopen.
55 Witte mensen
Specifiek zouden witte mensen ervan houden om in Tokio naar de Tsukiji-vismarkt te gaan. Ik heb dit ook gedaan. Het was een van leukere dagen in Tokio.
56 Japanse hypes
Ik denk dat Marie Kondo zo populair heeft kunnen worden omdat er juist in Japan veel behoefte is aan iemand die 'toestemming' geeft om spullen weg te gooien. Haar methode is dus niet zozeer een afspiegeling van een Japanse traditie.
Een Japanse facebook kennis vertelt over Marie Kondo dat we niet moeten vergeten dat Japan een modern land is met alle problemen die een modern land heeft. Dus ook een groot afvalprobleem, en een groot aantal mensen, net als hier, die in hun spullen verdwaald zijn geraakt en er niet meer uitkomen.
74. Hekjes
Al snel werd duidelijk dat de natuur in Japan vaak achter een hekje zit. Dit viel mij ook erg op! Ik hoopte dat er iemand was die dit ook zou zien.
83 kleuren
In Japan zie je veel horizontale verkeerslichten. Dit klopt. Als Westerling moet je tijdens het fietsen er erg aan wennen en opletten dat een verkeerslicht voor je geldt, want ze staan niet op ooghoogte. Je bent zomaar een druk kruispunt opgefietst!
99 Familie
Een ober, een jonge jongen nog, met een dikke bril, duidelijk verlegen met zijn rol in dit etablissement. Ik bekeek hoe hij bewoog, en dacht precies te begrijpen hoe hij zich voelde.
Dit boekje heb ik geleend van een vriendin. Ik begon er aan met het idee dat het een tussendoorboek zou worden, maar ik vond het verrassend leuk! Het is leuk geschreven, veel gaat over de Japanse taal, maar ook voor mensen die ooit in Japan zijn geweest staat er veel herkenbaars in. Op de foto zie je het boek met notes bij 'mijn' stukjes.
8. Salaryman
Ik ben in het zakendistrict van Tokio geweest. Je kon daar naar de zoveelste verdieping van het stadhuis om Tokio van boven te zien. Ik was er in de avond toen veel kantoren leeg stroomden en daar heb ik inderdaad veel salaryman gezien. Hij komt 's avonds laat thuis, terwijl zijn vrouw de kinderen doet.
13. Banana
Kitchen van banana Yoshimoto is een van mijn favoriete romans. Door dit boek wil ik het nu weer herlezen!
17. Bento
Ik maak graag bento's, meeneemlunches, als ik naar mijn werk ga. In Japan maakte ik ze ook iedere dag, maar omdat de keuken in mijn vakantiehuis uit een eenpits gasstel bestond, Kocht ik daar de ingrediƫnten voor de Bento in een supermarktje (zie later). Ik was zo blij dat ik Japanse omeletten en rijstballen gewoon in folie kon kopen! Een keer heb ik op de markt mijn bentobakje aan een verkoopster achter een stalletje gegeven en gevraagd of zij het lekker voor mij wilde vullen. Ze keek me wel wat vreemd aan, maar begon er vrolijk aan en had volgens mij een erg leuk moment.
19. Stoere mannen
In veel japanse openbare gelegenheden, waaronder restaurants, mag je roken, maar je mag bijna nergens roken op straat. Dit was zo'n vreemde ervaring toen ik in Japan was, roken in restaurants!
41 Graseters
Dit hoofdstukje gaat feitelijk over het fenomeen dat Japanse mannen niet actief uit zijn op een relatie en erg afwachtend, wat de hoeveelheid relaties niet bepaald ten goede komt. Maar ik heb het genote vanwege de zin: In een Japanse stad hoef je zelden verder dan honderd meter te lopen of je komt een convenience store tegen. Dit klopt! Het zijn vaak kleine buurtwinkeltjes gerund door een familie.
52 Nederlandse woorden in het Japans
Elk japans schoolkind zeult een gigantische schooltas mee; een randoseru.[...] De meeste Japanse kinderen lopen met elkaar, zonder ouders, in kleine kwetterende groepjes naar school. Dit is zo, en ik heb meermalen groepen kinderen, ik denk 5, 6 jaar oud, naar huis zien lopen zonder begeleiding. Ik vroeg me af of Japanse ouders dat niet eng vonden, want de kinderen moeten soms kilometers lopen.
55 Witte mensen
Specifiek zouden witte mensen ervan houden om in Tokio naar de Tsukiji-vismarkt te gaan. Ik heb dit ook gedaan. Het was een van leukere dagen in Tokio.
56 Japanse hypes
Ik denk dat Marie Kondo zo populair heeft kunnen worden omdat er juist in Japan veel behoefte is aan iemand die 'toestemming' geeft om spullen weg te gooien. Haar methode is dus niet zozeer een afspiegeling van een Japanse traditie.
Een Japanse facebook kennis vertelt over Marie Kondo dat we niet moeten vergeten dat Japan een modern land is met alle problemen die een modern land heeft. Dus ook een groot afvalprobleem, en een groot aantal mensen, net als hier, die in hun spullen verdwaald zijn geraakt en er niet meer uitkomen.
74. Hekjes
Al snel werd duidelijk dat de natuur in Japan vaak achter een hekje zit. Dit viel mij ook erg op! Ik hoopte dat er iemand was die dit ook zou zien.
83 kleuren
In Japan zie je veel horizontale verkeerslichten. Dit klopt. Als Westerling moet je tijdens het fietsen er erg aan wennen en opletten dat een verkeerslicht voor je geldt, want ze staan niet op ooghoogte. Je bent zomaar een druk kruispunt opgefietst!
99 Familie
Een ober, een jonge jongen nog, met een dikke bril, duidelijk verlegen met zijn rol in dit etablissement. Ik bekeek hoe hij bewoog, en dacht precies te begrijpen hoe hij zich voelde.
vrijdag 12 juni 2020
Het internet is stuk - Marleen Stikker
Ik heb dit boek gekocht op de privacy rede van Marleen Stikker in 2020. 'Het internet is stuk' is een uitspraak die ik vaak doe. Marleen Stikker is bij veel betrokken geweest waar ik gebruiker van ben, van DDS tot de Fairphone.
Het leukst vond ik de hoofdstukken over het ontstaan van het internet, de BBS-en en de eerste internetcultuur. Ik zat toen op BBS-en, fidonet, in te bellen met mijn modem. Nog altijd is dat voor mij het internet. Toen, toen was het leuk, waren er groepen waar je kon praten en die netjes gemodereerd werden. Tegenwoordig moeten we het voor modereren hebben van de bedrijven die ons de social media aanbieden. Daar zit ook gelijk een groot probleem, want wie bepaalt dat, en is dat dan geen dictatuur?
Ik lees dit boek terwijl ik hoor over de corona-app, en de grote vlucht die beeldbellen heeft genomen in de zorg sinds de coronacrisis. We kunnen niet anders, zeggen de ziekenhuizen. Maar van de zieke die de dokter wil consulteren wordt dus verwacht dat die in die situatie ook nog eens gaat nadenken over van wie de data is die in de zorgapp wordt gedeeld en of je dat wel wilt. Je wilt gewoon de dokter spreken!
Mijn eigen gedachte is dat we heel vaak van het eindproduct uitgaan als we over een internetapplicatie nadenken. We willen -deze- data. En dan gaan we een app, of in het geval van de sleepwet een wet, bedenken die ons die data geeft. Maar het zou andersom moeten zijn. We zouden moeten nadenken over hoe we data willen verzamelen, en dat verankeren in de wet.
Google en Facebook worden wel erg als de vijand gezien. Maar zijn zij wel zo veel erger dan de grote uitgeverijen die hiervoor onze data bezaten? Een prachtige documentaire over Google Books herinner ik me. Dat was een project van Google om alle boeken van de wereld in de scannen en beschikbaar te maken voor iedereen. Zelf wilde Google de inhoud van die boeken om AI's beter te leren communiceren. Uiteindelijk verliest Google een rechtszaak over het beschikbaar maken van literatuur die de uitgeverij bezit en wordt het project gestaakt. Goed! denk je dan. Maar die uitgever is niet van plan om het boek ooit weer uit te geven. Waar Google het in ieder geval beschikbaar maakte voor de wereld (en ik geef toe ik ben biased want ik vond die scanner geweldig!), sluit de uitgever het boek op in zijn kluis zodat wij er nooit meer aan kunnen komen. Wat is dan winst?
Een andere voorbeeld. Daar waar regeringen direct alle data uit de corona-app centraal wilden opslaan, melden Google en Apple doodleuk aan ze dat zij hun besturingssysteem niet zo gaan maken dat dat kan.
Ik ben het met veel dingen uit dit boek wel eens. Maar op de een of andere manier wordt het niet inspirerend. Ik heb niet iets waar ik mee aan de slag kan. Het is interessant, er komen veel denk gebieden, filosofie, klimaatkunde, economie, hardcore coderen, lesgeven, maatschappijleer, informatica, bij elkaar, maar het blijft erg meta. Het is allemaal een prachtig goed idee. En nu?
Het leukst vond ik de hoofdstukken over het ontstaan van het internet, de BBS-en en de eerste internetcultuur. Ik zat toen op BBS-en, fidonet, in te bellen met mijn modem. Nog altijd is dat voor mij het internet. Toen, toen was het leuk, waren er groepen waar je kon praten en die netjes gemodereerd werden. Tegenwoordig moeten we het voor modereren hebben van de bedrijven die ons de social media aanbieden. Daar zit ook gelijk een groot probleem, want wie bepaalt dat, en is dat dan geen dictatuur?
Ik lees dit boek terwijl ik hoor over de corona-app, en de grote vlucht die beeldbellen heeft genomen in de zorg sinds de coronacrisis. We kunnen niet anders, zeggen de ziekenhuizen. Maar van de zieke die de dokter wil consulteren wordt dus verwacht dat die in die situatie ook nog eens gaat nadenken over van wie de data is die in de zorgapp wordt gedeeld en of je dat wel wilt. Je wilt gewoon de dokter spreken!
Mijn eigen gedachte is dat we heel vaak van het eindproduct uitgaan als we over een internetapplicatie nadenken. We willen -deze- data. En dan gaan we een app, of in het geval van de sleepwet een wet, bedenken die ons die data geeft. Maar het zou andersom moeten zijn. We zouden moeten nadenken over hoe we data willen verzamelen, en dat verankeren in de wet.
Google en Facebook worden wel erg als de vijand gezien. Maar zijn zij wel zo veel erger dan de grote uitgeverijen die hiervoor onze data bezaten? Een prachtige documentaire over Google Books herinner ik me. Dat was een project van Google om alle boeken van de wereld in de scannen en beschikbaar te maken voor iedereen. Zelf wilde Google de inhoud van die boeken om AI's beter te leren communiceren. Uiteindelijk verliest Google een rechtszaak over het beschikbaar maken van literatuur die de uitgeverij bezit en wordt het project gestaakt. Goed! denk je dan. Maar die uitgever is niet van plan om het boek ooit weer uit te geven. Waar Google het in ieder geval beschikbaar maakte voor de wereld (en ik geef toe ik ben biased want ik vond die scanner geweldig!), sluit de uitgever het boek op in zijn kluis zodat wij er nooit meer aan kunnen komen. Wat is dan winst?
Een andere voorbeeld. Daar waar regeringen direct alle data uit de corona-app centraal wilden opslaan, melden Google en Apple doodleuk aan ze dat zij hun besturingssysteem niet zo gaan maken dat dat kan.
Ik ben het met veel dingen uit dit boek wel eens. Maar op de een of andere manier wordt het niet inspirerend. Ik heb niet iets waar ik mee aan de slag kan. Het is interessant, er komen veel denk gebieden, filosofie, klimaatkunde, economie, hardcore coderen, lesgeven, maatschappijleer, informatica, bij elkaar, maar het blijft erg meta. Het is allemaal een prachtig goed idee. En nu?
Abonneren op:
Posts (Atom)







