woensdag 4 november 2015

A little Life - Hanya Yanagihara


Ik heb vier weken in dit boek vertoefd. Iedere dag zo'n twintig bladzijden, meer kon ik niet. Uiteindelijk vond ik vooral het begin van dit boek, over de vier vrienden die hun leven zoeken in NYC als ze begin twintiger zijn, het allermooist. Ik wist niet dat je zo over volwassen worden kon schrijven. Het verhaal van Jude, zijn manier van omgaan met de wereld, zijn constante vrees, zijn stelligheid dat hij niet genoeg is voor iedereen en constant iedereen excuses moet maken, zijn zelfhaat, zijn beeld dat hij eigenlijk ondanks wat iedereen tegen hem zegt, niet thuis mag horen in de maatschappij, dat iemand zegt dat hij aardig is maar dat dat ieder moment zou kunnen veranderen, zijn een heel erg iiwi, alsof iemand over mijn gevoel heeft geschreven. Dat is ook wel eng.Het boek is erg mooi geschreven, heel rustig, zonder pieken, ondanks dat wat Jude meemaakt erg uitdaagt tot het schrijven in uitroeptekens. De vraag die voortdurend opkomt is waarom ik dit boek met zoveel zelfhaat lees, en waarom Yanagihara het heeft geschreven. Zij moet jaren met Jude in haar hoofd hebben gelopen tijdens het schrijven en hoewel Jude aardig is, is dat ook een vorm van zelfcastijding misschien.
Door de schrijfstijl is er een soort afstand tussen de lezer en Jude, en dat is misschien maar goed ook. Maar ondanks dat is er geen moment van opluchting in het boek, geen moment van genezing of absolutie, zelfs de interventie aan het eind biedt geen soelaas. Een klein leven...
In zekere zin is dit een gay novel, maar een nieuwere soort gay novel, een moderne homo roman. De klassieke thema's in de homoroman, discriminatie, AIDS, komen hier niet voor. Dit is een roman over relaties, vriendschap.

De wandeling - Robert Walser

Erg leuk, heel erg Biesheuvel.

maandag 28 september 2015

Ik geef je de zon - jandy Nelson


Het einde van de wereld begint met regen.



 Ik geef je de zon is een alleraardigst jeugdboek, met ronde karakters en mooi geschreven. Het is niet simpel zoals zoveel jeugdboeken zijn, alsof jongeren geen mooie taal kunnen lezen, maar uitdagend geschreven. Het neemt zijn lezers serieus. De thematiek, rouwverwerking, scheiding, homoseksualiteit, jaloersheid, sexualiteit, is vol, maar voelt nooit volgepropt. Het eind is misschien iets te simpel, misschien omdat ik zelf er niet zo in geloof dat alles allemaal goed komt, net zo als ik ook niet zo geloof in Engelse jongens met leren jassen en tatoo's, maar dat vergeef je snel.

dinsdag 15 september 2015

Boy, Snow, Bird - helen Oyeyemi

Volgens de blurb is het een hervertelling van Sneeuwwitje, maar daar merk je niets van, met een lief sprookje heeft dit weinig te maken.
Het gaat over identiteit, over man en vrouw zijn, in de spiegel kijken, wat het betekent om black of blank te zijn. Helen Oyeyemi verandert voortdurend van gezichtspunt, waardoor je bij het lezen ook steeds bij jezelf te rade gaat en je eigen vooronderstellingen onder de loep moet nemen. Het is een roman die je naar jezelf laat kijken. Aan het eind van het verhaal zit nog een lesbisch en misschien transgender verhaallijntje.
Daarnaast verweeft Oyeyemi, net als in haar eerdere boeken, de klassieke Westerse culturele verhalen met Afrikaanse en Afro-Amerikaanse legendes.
Het verhaal: Een jonge vrouw, Boy Novak, vlucht op haar 21ste van haar vader in New York naar een onbeduidende kleine stad in Massachusetts. Het is dan ergens in de jaren vijftig. Ze is daar opzoek naar zichzelf en naar werk, wat ze uiteindelijk vind in een boekwinkel. Ze trouwt met Arturo, een edelsmid, die zijn vrouw verloren is, en een dochter heeft Snow, een prachtig blank kind, Snow. Als haar eigen kind geboren wordt, Bird, blijkt dat Bird niet blank is, maar donker, en de familie van Arturo Afro-Amerikanen zijn die zich vanwege hun hele lichte huid voordoen als blank. De geboorte van Bird is de steen in de vijver waardoor iedereen zichzelf opnieuw moet identificeren. Wat betekent het gezicht in de spiegel dat ik zie, wat is uiterlijk, ijdelheid, jaloersheid? Waar pas ik, wat ben ik?

Ik weet overigens niet wat ik van het einde moet denken...

dinsdag 25 augustus 2015

De fietsrepubliek - Pete Jordan

Ik ben naar een lezing van Pete Jordan geweest ihkv de tourstart in Utrecht, en heb daar dit boek gekocht. Ik heb dit boek als ontbijtboek gelezen. Er is blijkbaar een Amerikaan voor nodig om onze fietsgeschiedenis te beschrijven. Door zijn beschrijving van de geschiedenis van het fietsen in Nederland, en zijn beschrijving van zijn eigen verhuizing naar Amsterdam, wordt wat voor ons zo normaal is weer iets uitzonderlijks. Ik heb het vaak met een glimlach gelezen. Ik kijk nu toch weer anders naar al die fietsers door de stad. 'Met een gevoel van trots' zegt de Volkskrant in haar review, en dat gevoel klopt wel.
Onze fietsmanie is begonnen in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw. Zelfs toen al werd er in ingezonden brieven in de krant geschreven over hoe weinig fietsers zich aan de regels hielden, en hoe iedereen maar wat deed. Hetzelfde wat je nu nog hoort. Pete Jordan beschrijft de fietsersgeschiedenis in de bezettingsjaren als een soort sluimerende passieve verzetsactie tegen de bezetters. In de jaren zestig en zeventig werd de fiets een anarchistisch verzetssymbool tegen de macht, met de Provo's en het witte fietsenplan. Een plan dat, ironisch genoeg misschien, juist buiten Nederland overal uiteindelijk wel body heeft gevonden. In de meeste steden buiten ons land zijn er allemaal huurfietsen die je kunt meenemen en op andere plekken in de stad weer terug kunt zetten. Daar komen wij dan aan met onze 'OV-fiets', die je maar op één plek terug kunt zetten. In de jaren negentig en later werd de fiets weer het vervoermiddel voor iedereen, waar ook in de stadsplanning aandacht aan werd gegeven. Als bestuurders nog proberen om plannen te bedenken zonder fietsmogelijkheden, zoals bij de verbouwing van het Rijksmuseum, lukt dat niet meer.
Tijdens de lezingen waren er naderhand een aantal ronde tafels gesprekken waar mijn wenkbrauwen toch gingen fronsen. Want fietsen mag dan wel politiek vaste grond hebben gekregen, ik vraag me toch af of we niet hebben verloren. Want ik hoorde van fietsers eigenlijk niets anders dan dat de opgelegde regels moeten verdwijnen, want als er geen verkeerslichten en zo meer zijn moeten we weer opletten en gaat, blijkbaar een mirakel, alles weer goed. En van automobilisten dat de regel dat fietsers, als verkeersdeelnemer zonder bescherming, in principe geen schuld hebben bij een ongeluk van tafel moet, want als fietsers weer schuld krijgen van ongelukken passen ze beter op. In beide opties zie ik niet zoveel, maar dat is de jaren 2000 consensus blijkbaar.

zondag 16 augustus 2015

Asta's ogen - Eveline Stoel

Dat was een interessant boek, vooral de delen over de Japanse bezetting en de Bersiap gezien uit Indo ogen. De geschiedenis van Indonesië is erg verbrokkeld natuurlijk, omdat er voor de Bersiap eigenlijk alleen een geschreven Nederlandse geschiedenis is. De geschiedenis na 1945 is weer erg gekleurd in te positief Indonesisch perspectief. Neem de moorden op vermeende communistische strijders tijdens de machtsovername door Soeharto, waar in deze roman één zin aan besteed wordt, die in de documentaire The act of killing pas vorig jaar echt uit de doeken is gedaan.
Wat ik weet over de Japanse bezetting vanuit geschiedenislessen op school was dan ook erg gericht op Nederlanders daar, in Jappenkampen en de politionele acties. Daarvan werd overigens in zekere zin wel een gemengd beeld gegeven, het was de tijd dat we net onder ogen mochten zien dat onze aanwezigheid in de archipel na 1945 een oorlog was. De stukken in Nederland ken ik allemaal wel van de tv, het ei naar Lubbers, de Molukse acties, Wieteke van Dort; allemaal stukjes nieuws. Maar onderdeel van mijn eigen geschiedenis is het eigenlijk toch ook weer niet. Ik besef pas dat ik die dingen heb meegemaakt als ik ze hier weer eens lees.
Eveline Stoel heeft zichzelf uit het verhaal geschreven, hoewel ze er natuurlijk wel in zit. Dit moet na de 83 verjaardag van Asta zijn geweest, omdat Eveline Stoel in het begin refereert aan een levensverhaal van vijf bladzijden dat Asta heeft geschreven. Dat is echter ook de tijd dat Asta naar het bejaarden - en later verpleeghuis ging en haar geheugen achteruit ging. Asta is 86 geworden, dus ze moet haar hele verhaal in dat ene jaar verteld hebben toen ze dat nog kon. Misschien is er daarom ook wel een soort literaire vertelvorm gekozen voor dit verhaal, dat tussen non fictie en roman in zit.
Vanuit integratieperspectief is het verhaal van Asta's familie interessant om te zien of volledig afzien van je geschiedenis en eigen cultuur de manier is om te integreren. In zekere zin is de integratie in Nederland gelukt; de kinderen hebben werk, zijn getrouwd, zijn onderdeel van de Nederlandse maatschappij. Maar ze blijven er ook tussenin staan, zoals ze er altijd tussen in hebben gestaan. Geen Indonesiërs, maar ook geen Nederlanders in Indië, geen Nederlanders maar ook geen Aziaten tijdens de Japanse bezetting, geen Indonesiërs tijdens de Bersiap en geen Nederlanders in Nederland. Toen Buddy uiteindelijk terug ging naar Indonesië werd hij ook daar niet gezien als Indonesiër, maar als toerist.
Waar ik een hekel aan heb in boeken is zo'n 'verklarende woordenlijst', die eigenlijk alleen gebruikt wordt om een soort couleur locale sausje te geven aan het verhaal. Ook hier weer. En volstrekt onnodig; kom op, bapao, boemboe bali, tempé, sawa, dat zijn geen woorden die verklaard hoeven worden.

zondag 2 augustus 2015

Dark places - Gillian Flynn

Dit boek heet met recht literaire thriller. Libby Day is de enige overlevende van een brute moordpartij ergens op het platteland van de VS. Het andere Amerika, het midden-midden, waar de mais kilometers lang in de velden groeit van boerengezinnen die hun hoofd niet meer boven water kunnen houden. Het Amerika, dat je nooit ziet omdat Charlize Theron de hoofdrol speelt.
Het thrillerelement van deze roman is de zoektocht naar wat er nu eigenlijk is gebeurd die nacht waarop het gezin is vermoord. Libby, toen zeven jaar, heeft verklaard dat ze haar broer het gezin heeft zien vermoorden. Die is er voor veroordeeld. Ze heeft al die jaren geprobeerd de zaak te verdringen, leeft van het geld dat ze van mensen gedoneerd krijgt als zielig slachtoffertje van een brute moord, en een boekdeal van een aantal jaren geleden. Steeds vaker komt bij haar naar boven dat ze haar broer niet heeft gezien, ze had zich verstopt en heeft mannenstemmen gehoord. Als ze bij een groep complotdenkers een lezinkje geeft bieden die haar geld om met andere betrokkenen te praten. Want haar broer kan de moord niet gepleegd hebben. Toch? 
De roman heeft afwisselend hoofdstukken in het heden, vanuit het gezichtspunt van Libby, en van de dag van de moord zelf, vanuit het gezichtspunt van haar moeder en haar broer. Karakters in dit boek lopen allemaal over het slappe koord tussen goed en kwaad. Het zijn geen mensen waar je verliefd op wordt, maar daardoor zijn ze levend, vol contrasten. Flynn schrijft prachtige zinnen. De roman is schitterend opgebouwd, tot het einde blijft de rol van iedereen onduidelijk. Het eind, waarin de roman even een thriller wordt, vond ik nog het minst pakkend. Dat thrillerelement was ook helemaal niet nodig.